Paul Abraham

Paul Abraham is geboren op 2 november 1892 te Apatin, te Zuid-Hongarije
Hij overleed op 7 mei 1960 te Hamburg.

Paul Abraham studeerde van 1910 tot 1916 aan het conservatorium van Boedapest.  Als componist wijdde hij zich aanvankelijk aan de “ernstige” muziek. Hij schreef o.a. een celloconcert en enkele strijkkwartetten. Als operettecomponist debuteerde hij tamelijk laat: hij was al achter in de dertig toen in Berlijn, waar hij zich inmiddels had gevestigd, zijn eerste operette, “Der Gatte des Fräuleins” in première ging.
Zijn tweede operette, “Viktoria und ihr Husar”, bezorgde hem grote roem. Ook in de bioscoop klonken Abrahams melodieën; hij schreef de muziek voor films als “Die Privatsekretarin” (1931) en ”Glück über Nacht” (1932). In 1933, toen de nazi’s in Duitsland aan de macht kwamen en het Paul Abraham
als jood onmogelijk gemaakt werd in Duitsland verder te werken, ging hij naar Wenen. Later kwam hij in Parijs terecht.
Kort voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog wist hij via Havanna in Cuba New York te bereiken. In Amerika kon Abraham niet goed aarden; daardoor raakte hij overspannen en belandde tenslotte in een psychiatrische inrichting. Na de oorlog verkeerde men aanvankelijk in de veronderstelling dat hij was overleden.
Sommige naslagwerken hebben zelfs het jaar van zijn overlijden gemeld.  Het ”Paul-Abraham-Gesellschaft” in Hamburg heeft ervoor gezorgd dat hij op 30 april 1956 in Duitsland kon terugkeren. Hij heeft nog enkele jaren in Hamburg gewoond voordat hij in 1960 overleed.